Reviews

Release review Tattoo.com-US

Amsterdam-based contemporary folk singer-songwriter Ad Vanderveen recently dropped his new album, Release.

Born in Hilversum, Holland, much of his family is Canadian. Savors of Canada pervade Vanderveen’s sound, developed over time playing in many bands, followed by going solo in the ‘90s. With more than 20 solo CDs, as well as several side projects, he’s worked with big names such as Al Kooper, Al Perkins, Leland Sklar, Herman Brood, Flaco Jiminez, Iain Matthews, Eliza Gilkyson, Eric Anderson, John Gorka, and David Olney.

After hearing Vanderveen’s 2017 album, Worlds Within, Van Morrison invited Vanderveen to open for him, which Vanderveen accepted.

Encompassing 10-tracks, Release starts off with the title track, opening on measured darkly gleaming guitar colors, low-slung and resonant. Vanderveen’s plush tenor imbues the lyrics with passionate flavors, at once expressive and easy-to-listen-to. A lustrous female voice joins him in harmony, adding luminous hues.

Highlights include “One Last Song,” flavored by Vanderveen’s deliciously rasping tones, reminiscent of Neil Young, only with creamier textures. A drawling steel guitar blends with the bray of a harmonica, giving the tune aromas of melancholic nostalgia.

“Wildfire” rolls out on luscious undulations of sensuous folk tangs as layers of Americana-lace coloration inject the harmonics with sinuous surfaces. “Nothing But A Dream” flows the lush textures of a steel guitar, acoustic guitar, and a softly crying harmonica, conjuring up memories of early Bob Dylan.

The intro to “Garden of Home” ripples with oozing, drifting sparkles of color. The indulgent melody streams smoothly, while crystalline harmonies give the lyrics a radiant dimension. “Ol’ 56” features Vanderveen’s scratchy, country-flavored timbres, imbuing the song with stripped-down suggestions of cultural dislocation, as if going back to Oklahoma during the Dust Bowl.

The last track, “Thank You,” travels on Vanderveen’s spoken words riding a mellow guitar and sparkling piano. As his voice takes on melodic essence, the lyrics of the song express the simple value and substance of two words – “thank you goes a long, long way.”

With Release, Ad Vanderveen bestows on listeners the persuasive milieu of modern folk music, simultaneously alluring and momentous.

Randall Radic, Tattoo.com – US

Release review Bluestown-NL

Singer-songwriter-gitarist Ad Vanderveen is geboren op 21 september 1956 in Hilversum. Zijn muzikale ster is de afgelopen decennia hoog gestegen in Europa en de VS en zijn muziek is stevig geworteld in de Americana. Dit heeft wellicht te maken met zijn Canadese roots omdat zijn halve familie de Canadese nationaliteit heeft. Vanaf zijn 14e speelt hij al in R&R bandjes. Muzikaal is Vanderveen beïnvloed door o.a. Bob Dylan, Neil Young, John Lennon en Townes van Zandt 

Begin jaren ’80 van de vorige eeuw richt hij zijn eigen band Personnel op. Hun debuutalbum ‘On Strike’ verschijnt in 1983. Op hun in 1992 in Nashville, Tennessee, opgenomen album ‘Continuing Stories’ spelen o.a. Al Kooper, Flaco Jimenez en Al Perkins mee.

Begin jaren ’90 verlaat Vanderveen Personnel en start een succesvolle solocarrière.  Vanderveen is zeer productief want jaarlijks verschijnen er nieuwe albums van hem. “Zolang de nummers blijven komen blijf ik doorgaan, waarschijnlijk stop ik als ze niet meer komen”, aldus Vanderveen. 

Deze maand verschijnt zijn nieuwe album ‘Release’, de opvolger  van het vorig jaar verschenen album ‘Treasure Keepers’. De tien nieuwe songs zijn opgebouwd rond de zang en de akoestische gitaar van Ad Vanderveen. De productie is in handen van hemzelf en Pete Fisher.

Het album opent met het titelnummer Release. Warme akoestische gitaarklanken, harmonie vocalen in het refrein, strings en mondharp in de beste traditie van Neil Young.

Na het ingetogen One Last Song komt in het prachtige en sfeervol geïnstrumenteerde Always The Next de geest van Bob Dylan voorbij. De harmonie vocals zijn weer fijn in het rustige Dared To Dream, waarna het tempo in Wildfire omhoog gaat met slide en een ‘klagende’ mondharp.

De prachtige ballad Fickle Mind is een van de pareltjes van het album en in het rustige Nothing But A Dream  bewijst Vanderveen nogmaals dat hij in dit genre een uitstekende zanger is.

De harmonievocalen van Kersten de Ligny zijn weer heerlijk in Garden Of Home. Mooi ook de tinkelende pianoklanken. Ol ’56 met banjo is Dylan-achtig en in het slotnummer Thank You zijn invloeden van Townes van Zandt te horen.

Conclusie:
Release is een warm Americana album van grote klasse zoals we van Ad Vanderveen gewend zijn. Hopelijk blijven zijn nummers komen en gaat hij nog lang door zodat we nog veel meer moois kunnen verwachten. Gerrit Schinkel – Bluestown

Release review Johnny’s Garden-NL

Ad Vanderveen is volgens mij de meest productieve artiest die we rijk zijn. Met een zekere regelmaat verschijnen albums van zijn hand, en doorgaans niet de minste bovendien. Ik volg hem niet nadrukkelijk, terwijl ik dat zou moeten doen, want teleurstellen doet hij niet.

Op Release maakt Ad een onverminderd geïnspireerde indruk. Niet vanwege een plezierige gebeurtenis helaas. Ik las dat Ads moeder vorige jaar is overleden. Eén van die ingrijpende kwesties waarbij het alledaagse ineens naar de achtergrond verdwijnt. De dood van iemand die je lief is doet je realiseren wat werkelijk belangrijk is. Het album Release is ter nagedachtenis aan zijn moeder tot stand gekomen. Ad duikt in zijn geheugen met daarbij zijn moeder in gedachten. De instrumentatie van deze plaat in ingetogen, en sluit aan bij deze gebeurtenis en zijn herinneringen.

Zelf neemt hij het leeuwendeel van de instrumenten voor zijn rekening, naast zijn zang hoor je; gitaren, piano, banjo, harmonica. Drums en percussie zijn van Michael Kay. Bas van Pete Fisher. Tweede stem, zoals vaker, van Kersten de Ligny. Sfeervol vioolspel is er van zowel Neil James Morrison en Pat McCrae. Release in een gevoelig en tegelijkertijd krachtig eerbetoon. Mooi zoals hij de gevoelens voor zijn moeder en de veelvuldige bedankjes weet te verwoorden.

De vormgeving en foto’s die je terugvindt op het fysieke product zijn een zinvolle toevoeging. Op de achterzijde een piepjonge Ad met gitaar, waaruit blijkt dat het enthousiasme van huis werd toegejuicht. Naast de persoonlijke teksten is dit keer vooral het niveau van de songs, zonder uitzondering, erg hoog. Achter elkaar rollen kwaliteitsnummers aan je voorbij. Sterk titelnummer opent het album, gevolgd door One Last Song, een rechtstreekse ode aan zijn moeder. Mooiste nummer vond ik eerst het jazzy Fickle Mind. Mogelijk omdat ik iets herkenbaars meende aan te treffen. Ergens wisselen tussen zekerheid en onzekerheid, afhankelijk van je gemoedstoestand. Nog sterker vind ik Nothing But a Dream, waar de aandacht van de luisteraar naar de speaker wordt getrokken door innemende teksten. Ja, Ad, 1956 was ongetwijfeld een uitstekend jaar, en de stimulans van je moeder zal minstens zo een belangrijke rol gespeeld hebben. Bedankt!

Rein van den Berg – Johnny’s Garden

Release Cd review in Music-news

In the realm of modern folk rock, two men stand as pillars influencing the generations who follow. Bob Dylan took the influence of Woody Guthrie and Hank Williams and through the magical transformation of the Greenwich Village stages, made it speak to millions of young adults grasping for sense in senseless times. Neil Young rose to fame riding a wave of psychedelia with Buffalo Springfield operating out of L.A.’s famous Laurel Canyon. Yet, in his formative years on the Canadian Great Plains, Young drew a lot from Dylan’s early folk masterpieces. Once the great wave of the ’60s broke, Young would turn hard to folk in the ’70s writing some of his most enduring classics. Today, there is a great deal of that DNA in any given performer that takes up the acoustic guitar to bare their soul. 

Amsterdam-based Ad Vanderveen may have been born thousands of miles from Ohio or Ontario, Minnesota or Manhattan but the man has the lineage of these folk troubadours in his blood. This must have something to do with his Canadian parents. On his latest record Release, Vanderveen powerfully and effectively channels the two greats, blending their sonic traits with his own worldly personality to create an album that hits all the right notes of nostalgia, reflection, love, and sense of home that a great folk record should.

The ambling picking of his acoustic guitar has a crisp sheen on the opener ‘Release’. His voice comes in with the same combination of frailty and earnestness that became Neil Young’s calling card. If you close your eyes and let your mind drift a little, you could easily mistake the track for an unearthed gem from Young’s Harvest days that had until now remained unreleased. Kersten de Ligny adds perfectly complementary harmonies and The Neil James Morrison Ensemble provides an understated string backing. 

There’s a way that Young can say a word or a phrase and imbue it with such powerfully wistful nostalgia and Vanderveen has a similar talent. The way he sings “and this old guitar is all I have to bring along to sing you one last song” in the softly swaying ‘One Last Song’ or “Got an old guitar from the year I was born/Sounds like a dream and it’s pretty well worn” on ‘Ol’ ’56’ links the storytelling tradition of the guitar around the hearth to all the ups and downs of a life well-lived. The word “guitar” holds a lifetime of dusty memories.

‘Always the Next’ has the rambling sing-song of Dylan’s first two records. Lightly meandering through a fingerpicked 6/8 before the band joins in to give it a good Celtic bob. Vanderveen is far from doing the cheap wheezy inflection of a poor Dylan impression, he just throws in the odd upward strain or hushed delivery that makes Dylan’s vocals stand out from the rest of the folk pack. Vanderveen also avoids the snide cynicism that crept into most of Dylan’s lyrics, instead presenting the challenges you face with an escape route: “there’s got to be some consolation my friend/there’s always the next to hold on to”.

Although a song like ‘Wildfire’ may cop the mid-song wailing harmonica solo that Young made a trademark, Vanderveen’s voice comes more into its own here. The western-tinged steady rollin’ rhythm is complemented by slide guitar echoing off into the dark of a midnight prairie. ‘Fickle Mind’ also enjoys some tasteful slide guitar to brush along this slow, back porch on a sleepy Sunday tune. ‘Nothing but a Dream’ shows up as a late album gem with Vanderveen giving out reassuring pearls of wisdom over a track that shows the singer finding a signature sound for himself.

Obviously, if you are a fan of Dylan or Young, Ad Vanderveen’s Release will be right up your alley. However, the similarities in timbre and structure are not a rip-off. This is not an artist lifting tried and true melodies to profit off of their good songwriting, something that is done FAR too often in pop music today. This is an artist who studied under the best in his field and with that same energy, produced a welcoming, wistful, and wise entry in the tradition of great folk music. 

****by Jon C. Ireson

Treasure Keepers review Goldmine Magazine

With a legacy that’s easily traced back some 35 years, Ad Vanderveen has earned a reputation amongst his knowing devotees as an excellent and articulate journeyman, a man whose meditative musings find him respected on both sides of the folks/roots divide. Born in Holland but partly of Canadian heritage, his music transcends any singular tradition courtesy of his deeply melodious music, his deft instrumental interplay and a rich, resonant vocal. Ironically, Treasure Keepers is Vanderveen’s first solo effort of his expansive career, an intimate outing that finds him performing entirely on his own save guest vocals from the late David Olney, on opening track “David and Goliath.” With the sparse settings, the music is both expressive and introspective, all the more reason to lean in and listen. Yet despite the singular set-up, it’s still a highly embracing effort, imbued with emphatic emotion and deep devotion. While Treasure Keepers may not be the ideal place to start as far as the true novice is concerned, anyone with a true appreciation for musical honesty and integrity will find this album providing a sure form of satisfaction. 

By Lee Zimmerman

Treasure Keepers recensie Nederlands Dagblad

Treasure Keepers – Ad Vanderveen.

Hij hoeft geen grote hits te scoren en hij zal nooit de wereld aan albums verkopen, maar wat maakt Ad van der Veen toch een prachtige muziek. Zijn songs hebben een licht melancholische wijsheid, maar ook een open, onbevangen, soms bijna naïeve blik; dat is een goede voorwaarde om fris te blijven en met iedere plaat werkelijk iets toe te voegen. Ook op de nieuwe productie Treasure Keepers staan weer briljanten te flonkeren, waaronder ‘Times Like These’, met een subtiel mineur akkoord. Er is de aangename, niet opdringerige religiositeit van ‘Death Is For Others’ en de herinnering aan de op 18 januari op het podium aan een hartstilstand overleden David Olney in ‘David and Goliath’. In een prachtige tekst, waarin Olney als zwaardere stem is ingevoegd, smelten de bijbelse figuren ineen. Het is geen geheim dat Ad van der Veen zich schatplichtig weet aan Neil Young. Dat baat hij uit in een geweldige song van zichzelf, ‘Looking Through Your Eyes’. De plaat is na een stuk of twintig voorgaande albums de eerste echte solo productie. Alleen uitgevoerd in een studio/theatersfeer zonder publiek bevat het negen en een half nieuwe, originele nummers en anderhalve cover. Die halfjes komen door de afsluiter: ‘Motherland’ is een Engelse tekst op en met de op een gruizige gitaarsound uitgevoerde melodie van het Wilhelmus.

  • eenzame hoogten van Canadese Nederlander
  • prettige religieuze link in sommige songs

Door Herman Veenhof

Treasure Keepers review Blues blues UK

Ad Vanderveen – Treasure Keepers (Continental Record Services)

Treasure Keepers is Ad Vanderveen’s 14th album but there’s something different. This time he’s pared everything back and in keeping with the times we are in, gives a performance of one in solitude and desperate to regain contact.
He opens with David And Goliath, a tribute to his mentor, David Olney, who passed away recently. It’s just Ad and his guitar on this Folk song and you can feel the respect for his friend coming through.
The title track has more sedate sounds although a little bit of harmonica does change the perspective in parts. The overall effect is one of having him play in your front lounge.
One thing you can expect from Vanderveen is a story and End Of Me And You is a fine example of his art. He remains on the Folksy side of things as he channels the singer/songwriters that have gone before such as Dylan and Guthrie.
If you like to sit and listen to a guy with an acoustic guitar singing stories that you can relate to then Ad is your man. As often with the man, the lyric is more important than the melody and on Sixty Thousand Thoughts he brings some of his finest. There’s only so much that you can do with an acoustic guitar so attention turns to his voice and his expressive delivery fits well on this Americana tinged track.
Death Is For Others is back to guitar and harmonica, the staples of the singer/songwriter. I think we all had ambitions in those areas when we were young. No? Just me then? I’m not taking anything away from this song which is definitely in the mould of Bob Dylan and could easily have made it onto one of his albums, it’s that good.

The achingly beautiful Looking Through Your Eyes has Neil Young influences all over it whereas stark voiced Puppet Show appears to be an allegory (you make up your own mind about who) with a vibraphone or something similar backing him up.
He’s back on guitar for Times Like These, another musically Americana tinged song with a plaintive Neil Young style vocal. Ad sings “Come out of this a better world” – we can only hope.
Guy Clark and Slaid Cleaves come to mind on If I Can Do It, So Can You, another in the Americana style both in tone and subject. It’s the only full cover on the album and is included because of its life changing effect that it had on Ad in the late 70s.
On looking at the title, Lonely You Are, I wondered if Yoda had taken over the songwriting. I am only joking, of course. Electric guitar makes a first appearance as a counterpoint to Ad’s vocal. We get some harmonica too but it all feels very unadorned.
The closing track of this first real solo album from Ad is Motherland and there’s a bit of noise to this. It’s actually a version of the Dutch national anthem with words added by Ad. Grungy electric guitar gives a bleak feeling but I can imagine a speeded up version of this being quite upbeat. However, the slow pace fits in with the rest of the album as Ad, I believe, is making a point that 2020 has been nothing to cheer about.

Ad’s own words on the album, “I’ve often heard myself say ‘a song should be able to stand on its own two feet, but I’d never really made a record like that. It was time to practise what I preach: one shot on the spot with no overdubs – a bold and daring choice if I do say so myself – and if a song wouldn’t stand up to it, it simply wouldn’t come to life. It took a sense of ruthless vulnerability to present my new material in this way that turned out feeling very rewarding”. I think he’s proved his point.

Treasure Keepers review Alt Country Forum

De inspiratie voor dit pracht album kwam na het overlijden van Ads vriend en mentor David Olney, wiens grootsheid heel geslaagd wordt weerspiegeld in de werkelijk schitterende liedjes op dit album. “Treasure Keepers” werd opgenomen in een sobere setting van de troubadour en zijn gitaar. Hierdoor is de toon melancholisch en ingetogen geworden. Aan het eind op uitermate prettige wijze verstoord door de schurende uitsmijter Motherland. Een geactualiseerde versie van het Wilhelmus met een aan Neil Young refererend gierend gitaarwerk.

Een liedje moet op eigen benen kunnen staan. Daarover waren Ad en David het eens. Dat kunnen deze negen zelfgeschreven juweeltjes onomstotelijk, die op “Treasure Keepers” worden gecomplementeerd door If I Can Do It, So Can You van Lee Clayton en de bewerking van het Wilhelmus. Dat is meteen een belangrijk thema van deze voortreffelijke plaat. Het ambacht van de liedjesschrijver, dat vooral bestaat uit het plukken van de liedjes en het koesteren en beheren van de aldus verkregen schatkist.

De intieme miniatuurtjes blijven boeien dankzij  de heerlijk meeslepende melodieën  en de intense voordracht, waar de oprechtheid vanaf druipt. Ook tekstueel is het smullen van filosofisch getinte poëzie, waarin overpeinzingen over de dood de rode draad vormen. Ad Vanderveen is een scherp waarnemer. Hij maakt persoonlijke observaties en bouwt deze uit  tot universele waarheden.

Al deze kwaliteiten maken “Treasure Keepers” tot een onbetwistbaar hoogtepunt in het toch al imposant en gestaag uitdijend oeuvre van Ad Vanderveen. Het is verbluffend hoe hij bij deze enorme output dit ongekend hoog niveau weet te handhaven.

(Bert van Kessel)

Treasure Keepers review Rootstime

De Nederlandse folkzanger en songschrijver Ad Vanderveen nog aan u voorstellen kunnen we hier waarschijnlijk best overslaan, want hij is bij ‘Rootstime’ al zo vaak gepasseerd met zijn vorige albums die ofwel samen met zijn goede vriend David Olney en/of met zijn geliefde Kersten de Ligny ofwel met zijn garagerockgroep ‘The O’Neils’ werden opgenomen.

Met het nieuwe album “Treasure Keepers” gaat hij deze keer voor een geheel akoestische soloplaat waarop hij elf liedjes brengt met enkel begeleiding van een door hemzelf bespeelde akoestische gitaar en mondharmonica. Eén van de nummers is een coverversie van “If I Can Do It (So Can You)” van Lee Clayton, een track uit het in 1979 verschenen album “Naked Child” van deze Amerikaanse countryrocker ut Nashville, Tennessee.

Een andere song componeerde Ad Vanderveen samen met de op 18 januari 2020 op 71-jarige leeftijd aan een hartaanval overleden Amerikaanse singer-songwriter David Olney, een langjarige vriend van Ad en componist van vele topsongs voor andere artiesten zoals Linda Ronstadt, Steve Earle, Steve Young en Emmylou Harris. David Olney is dan ook de enige gastmuzikant op deze aan hem opgedragen plaat: hij zingt mee op het samen geschreven liedje “David And Goliath”, een ultiem eerbetoon van Ad Vanderveen aan deze grote muzikant dat helemaal vooraan op “Treasure Keepers” te beluisteren is.

Ook het slotnummer is een ‘specialekke’ want hierin zingt Ad Vanderveen de door hem geschreven tekst van het nummer “Motherland” op de tonen van het ‘Wilhelmus’, het officiële Nederlandse volkslied. Daarbij horen we ook de enige keer op dit album de klanken van een elektrische gitaar. Zoals gebruikelijk zijn ook de andere hier door hem gebrachte nummers van een hoge kwaliteit. De albumtiteltrack, “End Of Me And You”, “Death Is For Others” en de Neil Young-achtige liedjes “Looking Through Your Eyes” en “Times Like These” (zie 1e video) zijn daarvan onze favoriete songs. Maar het hele album “Treasure Keepers” is goed voor drie kwartier schitterend luisterplezier, zoals al het vorige werk van de inmiddels 64-jarige Ad Vanderveen trouwens.